Uit deze werkstukken spreekt de liefde voor het papier en dan vooral als schriftdrager.
Deze “pareltjes” zijn nog nooit buiten haar werkplaats geweest. Ze koestert ze. Ze wil ze niet kwijt.
Papier, maar vooral het boek zijn haar passies geworden, in allerlei weerbarstige vormen.
Ook door de digitalisering, ging Roswitha er heel anders naar kijken. Eigenlijk meer zoals toen het uitgevonden was en er nog geschreven werd en niet gedrukt en men vaak maar één boek had, dat trots op een standaard werd gelegd.
Haar boekenmakerij heet dan ook OPLAGE 1. Daar hoeft een boek niet rechthoekig te zijn, of de snee spiegelglad. Daar worden geen stapels van hetzelfde gemaakt.
En het papier dat gebruikt wordt wil gekreukt worden, gescheurd, beplakt, opgeplakt of -genaaid zelfs. Het wil gered worden uit de prullenbak en tot pulp vermalen en weer opnieuw geschept en gebruikt.
Dat is wat Roswitha doet.
These works speak of a love for paper, and especially as a medium for writing.
These “little gems” have never left her workshop. She cherishes them. She does not want to part with them.
Paper, but above all the book, have become her passions, in all kinds of unruly forms.
Digitization, too, has made Roswitha look at it very differently. Actually, more like when it was invented, when people still wrote by hand and did not print, and often had only one book, which was proudly placed on a stand.
Her bookmaking workshop is therefore called EDITION 1. There, a book does not have to be rectangular, or have mirror-smooth edges. Stacks of the same thing are not made there.
And the paper used wants to be crumpled, torn, pasted, glued, or even sewn. It wants to be rescued from the trash can, ground into pulp, and created and used again.
That is what Roswitha does.
